Tijdelijk contract. Een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd kunt u alleen tussentijds opzeggen als het contract een schriftelijk opzegbeding bevat. Zonder dat beding is vertrek vóór de einddatum onregelmatig en bent u schadeplichtig. In de praktijk wacht u de einddatum af of legt u een eerder vertrek vast met schriftelijke instemming van de werkgever.
Werknemers onder een cao. Veel cao's bevatten eigen opzegtermijnen of laten opzegging op een andere dag dan het einde van de maand toe. Wijkt uw contract ten nadele daarvan af, dan is dat beding in beginsel nietig (artikel 12 Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst). Een over het hoofd geziene cao-bepaling is in de praktijk de meest voorkomende oorzaak van een verkeerde einddatum. HR-afdelingen vinden aanvullende arbeidsrechtelijke modellen voor bedrijfsbeheer in dezelfde categorie.
Oproep- en uitzendkrachten. Bij een oproepcontract zonder vaste arbeidsomvang is de opzegtermijn gelijk aan de oproeptermijn: minimaal vier dagen, bij cao te verkorten tot 24 uur. Uitzendkrachten met een uitzendbeding (artikel 7:691 lid 2 BW) kunnen de uitzendovereenkomst in de eerste fase van de uitzend-cao's doorgaans op elk moment beëindigen; de toepasselijke cao is doorslaggevend.
Ambtenaren. Door de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren vallen de meeste ambtenaren onder het civiele arbeidsrecht en dus onder artikel 7:672 BW, aangevuld met de sector-cao. Uitgezonderd zijn onder meer militairen, politieambtenaren en rechterlijke ambtenaren, voor wie een publiekrechtelijke regeling blijft gelden.
Statutair bestuurder. Een bestuurder van een BV met een arbeidsovereenkomst heeft een dubbele rechtsverhouding. Aftreden als bestuurder en opzegging van de arbeidsovereenkomst zijn afzonderlijke rechtshandelingen; wie alleen de ene regelt, laat de andere doorlopen. Leg daarom beide uitdrukkelijk in de ontslagbrief vast.