Vereniging

Concept-statuten stichting volgens artikel 2:286 BW

Statutenmodel conform Boek 2 BW en de WBTR: doel, bestuur, belet en ontstentenis, tegenstrijdig belang en een liquidatiebepaling die aan de ANBI-eisen voldoet.
4.7/518 beoordelingen50 000+ downloadsDirect downloaden
Delen

Een stichting bestaat pas op het moment dat de notaris de akte passeert, maar de inhoud van die akte bepaalt u zelf. Concept-statuten voor een stichting zijn de volledig uitgewerkte statutentekst die u aanlevert bij het notariskantoor: naam en zetel, doelomschrijving, samenstelling en bevoegdheden van het bestuur, benoeming en ontslag, besluitvorming bij tegenstrijdig belang, statutenwijziging en de bestemming van het liquidatiesaldo. Oprichters die met een leeg vel binnenkomen, laten de notaris keuzes maken die zij zelf hadden moeten maken. Wie een doordacht concept meebrengt, houdt de regie over de doelomschrijving en over de bepalingen die de ANBI-status later mogelijk maken. Dit model is geschreven voor oprichters van een goededoelenstichting, een steunstichting, een familiefonds of een beheerstichting naar Nederlands recht.

Conform

Nederlands recht 2026

50.000+ klanten

vertrouwen op ons

Voordelig

Vanaf € 4,90 / document

Veilige betaling

Direct downloaden

Concept-statuten stichting volgens artikel 2:286 BW

Veilige betaling

Model invullen

Wat zijn concept-statuten voor een stichting?

Een stichting is volgens artikel 2:285 lid 1 BW een rechtspersoon die geen leden kent en die met behulp van een daartoe bestemd vermogen een in de statuten vermeld doel verwezenlijkt. Dat ontbreken van leden is geen formaliteit. Er is geen algemene vergadering die het bestuur corrigeert, geen achterban die stemt over de begroting. De statuten zijn de enige interne grondwet, en het bestuur is in beginsel het enige orgaan dat besluit. Elke zin over het doel en over benoeming en ontslag weegt daarom zwaarder dan bij een vereniging.

Concept-statuten hebben op zichzelf geen rechtskracht. De stichting ontstaat pas bij notariële akte (artikel 2:286 lid 1 BW), en tot dat moment is uw tekst een onderhandelingsdocument tussen u, uw medeoprichters en de notaris. Dat werkt zoals bij de concept-statuten voor een BV volgens artikel 2:175 BW, met dit verschil dat een stichting geen aandeelhouders en geen kapitaal kent. Statuten zijn hard: wijzigen kan alleen opnieuw bij notariële akte (artikel 2:293 BW). Een bestuursreglement past u aan met een enkel besluit, en daar horen de regels over declaraties en taakverdeling thuis. In onze modellen voor verenigingen en stichtingen naar Boek 2 BW vindt u beide lagen terug.

1

Juridisch kader

De stichting is geregeld in titel 6 van Boek 2 BW, de artikelen 2:285 tot en met 2:307. Artikel 2:286 lid 4 BW somt limitatief op wat de statuten minimaal moeten inhouden: de naam met het woord stichting daarin, het doel, de wijze van benoeming en ontslag van bestuurders en eventuele commissarissen, de gemeente in Nederland waar de stichting haar zetel heeft, en de bestemming van het overschot na vereffening. De notaris draagt op grond van lid 5 zorg dat die punten erin staan en is bij verzuim persoonlijk aansprakelijk.

Artikel 2:285 lid 3 BW verbiedt uitkeringen aan oprichters en aan personen die deel uitmaken van de organen. Uitkeringen aan derden mogen alleen als zij een ideële of sociale strekking hebben. Een doelomschrijving die ruimte laat voor bevoordeling van de oprichter is op dat punt nietig en blokkeert bovendien iedere ANBI-aanvraag.

Sinds de Wet bestuur en toezicht rechtspersonen is het regime aangescherpt. Een bestuurder mag niet meer stemmen uitbrengen dan de overige bestuurders samen (artikel 2:291 lid 2 BW). De statuten moeten voorschriften bevatten voor belet en ontstentenis van alle bestuurders (artikel 2:291 lid 4 en 5 BW). En een bestuurder met een direct of indirect persoonlijk tegenstrijdig belang neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming; kan daardoor geen besluit tot stand komen, dan besluit het bestuur alsnog onder schriftelijke vastlegging van de overwegingen (artikel 2:291 lid 6 BW). Daarnaast kunt u kiezen voor een raad van commissarissen (artikel 2:292a BW) of voor een monistisch bestuur (artikel 2:291a BW).

Wilt u de ANBI-status, dan komt het fiscale spoor erbij: artikel 5b AWR en de uitwerking in hoofdstuk 1a van de Uitvoeringsregeling. De inspecteur toetst onder meer of geen enkele natuurlijke of rechtspersoon over het vermogen kan beschikken als ware het zijn eigen vermogen, of bestuurders niet meer ontvangen dan onkosten en een niet-bovenmatig vacatiegeld, en of het batig liquidatiesaldo statutair naar een andere ANBI gaat. Voor culturele instellingen geldt de extra eis van een soortgelijke doelstelling. De volledige toets staat in de voorwaarden voor ANBI-status in de Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994.

2

Wanneer heeft u dit document nodig?

De klassieke aanleiding is de oprichting van een goed doel dat giften wil ontvangen. Zonder ANBI-beschikking zijn donaties niet aftrekbaar en betaalt de stichting schenk- en erfbelasting over wat binnenkomt, dus de statuten moeten vanaf dag één fiscaal kloppen. Een tweede geval is de beheerstichting die vermogen of aandelen los van het privévermogen houdt: een stichting administratiekantoor, een steunstichting bij een vereniging, of een fonds dat een monument in stand houdt. Daar draait alles om de vraag wie bestuurders benoemt, want die bepaling beslist wie na twintig jaar nog aan de knoppen zit. Een derde situatie is de subsidieaanvraag: fondsen, gemeenten en provincies lezen de statuten vooral op doelomschrijving en intern toezicht.

Twee randgevallen verdienen aandacht. Zorgaanbieders krijgen te maken met de Wet toetreding zorgaanbieders, die voor veel instellingen een onafhankelijk intern toezichthoudend orgaan voorschrijft; dat moet vóór de akte in de statuten staan, niet erna. En een stichting die activiteiten overneemt van een onderneming die u opricht of herstructureert, formuleert de vertegenwoordigingsbevoegdheid zo dat één bestuurder zelfstandig kan tekenen binnen een vastgesteld mandaat.

3

Belangrijke bepalingen in ons model

  • De doelomschrijving is opgebouwd in twee lagen: een kerndoel dat het algemeen belang concreet en rechtstreeks benoemt, en een opsomming van middelen waarmee de stichting dat doel nastreeft. Die splitsing is wat de Belastingdienst wil zien bij de kwalitatieve toets, en zij bespaart u een gang naar de notaris bij elke nieuwe activiteit.
  • De bepaling over benoeming en ontslag van bestuurders legt vast wie benoemt, voor welke termijn, of herbenoeming mogelijk is en met welke meerderheid ontslag volgt. Coöptatie door het zittende bestuur is de standaard, maar de benoeming kan ook bij een oprichter of een raad van toezicht liggen.
  • De regeling voor belet en ontstentenis wijst aan wie tijdelijk bestuursdaden verricht als alle bestuurders wegvallen, en definieert wanneer van belet sprake is. Zonder deze bepaling voldoet de akte niet aan artikel 2:291 lid 4 BW en loopt u vast zodra een bestuurder langdurig ziek wordt.
  • De tegenstrijdigbelangbepaling volgt de wettelijke lijn en voegt een vastleggingsplicht toe voor de overwegingen achter het besluit. Dat voorkomt dat een besluit over een lening of een opdracht aan een bevriende partij achteraf vernietigbaar blijkt.
  • De vertegenwoordigingsbepaling onderscheidt de bevoegdheid van het bestuur als geheel en van individuele bestuurders, met een goedkeuringseis voor registergoederen en grotere verplichtingen. Voor eenmalige externe handelingen combineert u dit met een algemene volmacht naar Boek 3 BW.
  • De beloningsclausule en de liquidatiebepaling zijn geschreven op de ANBI-eisen: bestuurders ontvangen uitsluitend onkostenvergoeding en een niet-bovenmatig vacatiegeld, en een batig saldo bij opheffing gaat naar een andere algemeen nut beogende instelling.
4

Aandachtspunten per regio

Amsterdam telt de grootste concentratie culturele stichtingen en internationale fondsen van het land. Wie de status van culturele instelling ambieert, moet weten dat de liquidatiebepaling daar strenger is: het batig saldo moet naar een ANBI met een soortgelijke doelstelling, niet naar zomaar een ANBI. Een museumfonds dat zijn saldo aan een algemene welzijnsstichting nalaat, voldoet niet. Let ook op de zetelbepaling: de statuten noemen een gemeente, geen adres. Verhuist het kantoor binnen Amsterdam, dan is er niets aan de hand; verhuist het naar Amstelveen, dan is een statutenwijziging nodig.

Rotterdam en Den Haag huisvesten veel stichtingen met internationale doelstellingen en donateurs buiten Nederland. Een buitenlandse instelling die nagenoeg uitsluitend het algemeen nut beoogt kan de bestemming van het liquidatiesaldo zijn, mits de statuten dat expliciet toelaten. Houd daarnaast rekening met het UBO-register: bij gebreke van een echte belanghebbende wordt het voltallige bestuur als pseudo-UBO ingeschreven.

Fryslân heeft een eigen taalregime. Ligt de statutaire zetel in die provincie, dan mag de notariële akte in het Fries worden verleden (artikel 2:286 lid 2 BW). Dat is meer dan symboliek voor dorpsbelangen en doarpshuzen met provinciale subsidie. Kies bewust: een Friestalige akte betekent dat elke latere statutenwijziging en elke vertaling voor buitenlandse partners extra werk oplevert.

Noord-Brabant en Limburg kennen een dichte structuur van kerkelijke, zorg- en welzijnsstichtingen. Daar speelt de verhouding tussen bestuur en toezicht. Sectorale governancecodes en de Wet toetreding zorgaanbieders eisen een onafhankelijk toezichthoudend orgaan met eigen benoemings- en ontslagbevoegdheden. Regel dat via een raad van commissarissen op grond van artikel 2:292a BW, met een expliciete lijst van goedkeuringsplichtige besluiten.

5

Zo bereidt u uw concept-statuten voor

U begint met de naam en de gemeente van de zetel, waarna het formulier vraagt of u de ANBI-status ambieert. Zegt u ja, dan schakelt het model de strengere varianten in van de beloningsclausule, de liquidatiebepaling en het beschikkingsmachtcriterium. Daarna komt de doelomschrijving, waar u de meeste tijd aan kwijt bent en ook aan moet zijn. U formuleert eerst het kerndoel in één zin, vervolgens de middelen; het model waarschuwt bij formuleringen die een fiscale toets niet doorstaan.

Vervolgens legt u de bestuursstructuur vast: aantal bestuurders, functies, benoemingstermijn, wie benoemt en ontslaat, en of u een toezichthoudend orgaan wilt. Het model genereert daarbij de bijbehorende belet- en ontstentenisregeling. Tot slot kiest u de vertegenwoordigingsregels en het boekjaar. U downloadt het resultaat in Word en in PDF, stemt af met uw medeoprichters en stuurt het bestand naar de notaris als basis voor de ontwerpakte. De overige documenten rond de oprichting staan in het complete overzicht van juridische modellen.

6

Veelgemaakte fouten

De fout die het vaakst tot een afgewezen ANBI-aanvraag leidt, is een doelomschrijving die te vaag is. "Het bevorderen van welzijn in de ruimste zin des woords" zegt de inspecteur niets. Bijna even vaak zie ik een bestuur van drie personen waarvan er twee familie zijn: dan hebben de oprichters de meerderheid van de zeggenschap en struikelt de aanvraag over het beschikkingsmachtcriterium. Een derde klassieker is een liquidatiebepaling die naar "een goed doel" verwijst in plaats van naar een algemeen nut beogende instelling.

Civielrechtelijk gaat het meestal mis bij de formaliteiten. Statuten die zwijgen over belet en ontstentenis voldoen niet aan de WBTR. Een adres in plaats van een gemeente als zetel levert bij elke verhuizing een onnodige akte op. En bestuurders vergeten dat zij tot de inschrijving in het handelsregister hoofdelijk aansprakelijk zijn voor rechtshandelingen die zij namens de stichting verrichten (artikel 2:289 lid 2 BW). Schrijf de stichting dus in zodra de akte is gepasseerd, en teken tot dat moment niets wat u niet privé wilt dragen.

7

Veelgestelde vragen

Zijn concept-statuten voor een stichting juridisch bindend zonder notaris?

Nee. Een stichting ontstaat uitsluitend bij notariële akte (artikel 2:286 lid 1 BW), en zolang die akte niet is gepasseerd bestaat de rechtspersoon niet. Uw concept is een voorbereidend document: het legt vast wat de oprichters willen en het beperkt het aantal adviesuren tot de ontwerpakte. De notaris blijft eindverantwoordelijk voor de wettelijke minimuminhoud en toetst het concept daarop. Dat is geen zwakte van het model, dat is de rolverdeling die de wet voorschrijft.

In welk formaat kan ik het document downloaden?

U krijgt het document zowel in bewerkbaar Word als in PDF. Word is het formaat dat u naar de notaris stuurt, omdat die er wijzigingen in kan bijhouden en de tekst rechtstreeks in de ontwerpakte kan verwerken. De PDF deelt u met medeoprichters, beoogde bestuurders of een fonds dat om een voorbeeldtekst vraagt. Beide bestanden hebben dezelfde artikelnummering, zodat iedereen tijdens het overleg naar hetzelfde artikel verwijst en er geen versieverwarring ontstaat.

Hoe lang duurt het voordat mijn stichting is opgericht?

Met een uitgewerkt concept in de hand is de doorlooptijd bij de meeste notariskantoren enkele werkdagen tot twee weken, afhankelijk van de identificatie van de oprichters en van de vraag of iedereen fysiek tekent of via volmacht werkt. Het passeren zelf duurt een half uur. De inschrijving in het handelsregister regelt de notaris direct daarna, meestal dezelfde dag. Zonder voorbereide tekst loopt het traject op tot enkele weken, puur door het heen en weer over de doelomschrijving.

Moet ik de ANBI-status meteen bij de oprichting aanvragen?

Dat hoeft niet, maar richt de statuten er wel meteen op in. De beschikking van de inspecteur kan terugwerken tot een datum vóór de dagtekening, dus een aanvraag kort na oprichting geeft doorgaans dekking vanaf de start. Vraagt u pas jaren later aan en blijkt dan dat de beloningsclausule of de liquidatiebepaling niet voldoet, dan moet u alsnog naar de notaris voor een statutenwijziging.

Kan één persoon een stichting oprichten en enig bestuurder zijn?

Juridisch kan dat: anders dan bij een vereniging volstaat één oprichter, en de wet schrijft geen minimumaantal bestuurders voor. Fiscaal loopt u er echter tegenaan. Voor de ANBI-status mag geen enkele natuurlijke persoon over het vermogen beschikken alsof het zijn eigen vermogen is, en een eenhoofdig bestuur voldoet daar per definitie niet aan. De praktische norm is een bestuur van drie personen zonder onderlinge meerderheid van familieleden.

Mag het bestuur zichzelf een vergoeding toekennen?

Bij een gewone stichting mag dat, mits de statuten het toestaan en de besluitvorming zuiver verloopt. Streeft u de ANBI-status na, dan ligt het anders: beleidsbepalende bestuurders ontvangen alleen een vergoeding voor werkelijk gemaakte onkosten plus een niet-bovenmatig vacatiegeld. Salaris voor bestuurswerk is dan uitgesloten, en het beloningsbeleid moet bovendien op de website worden gepubliceerd. Een bestuurder die daarnaast in loondienst uitvoerend werk verricht, regelt u apart met modellen voor arbeidsovereenkomsten en personeelsbeleid.

Belangrijkste punten om te onthouden

Oprichting

De stichting bestaat pas na notariële akte

Concept-statuten zijn een onderhandelingsdocument: pas als de notaris de akte passeert ontstaat de stichting (artikel 2:286 lid 1 BW). Toch bepaalt uw concept de inhoud van de akte. Komt u zonder doordachte tekst, dan vult de notaris keuzes in over doel, bestuur en checks and balances. Bedenk ook: statuten wijzigen kan later alleen weer via een notariële akte (artikel 2:293 BW).

Minimuminhoud

Statuten moeten verplichte punten bevatten

Artikel 2:286 lid 4 BW schrijft limitatief voor wat erin moet staan: naam met het woord stichting, doel, benoeming en ontslag van bestuurders (en eventuele commissarissen), de zetelgemeente in Nederland en de bestemming van het overschot na vereffening. De notaris moet deze onderdelen opnemen en kan bij verzuim persoonlijk aansprakelijk zijn (lid 5). Een slordig of onvolledig concept leidt dus tot vertraging of herstelwerk.

Bestuur

WBTR-regels voorkomen machtsmisbruik en discussies

Sinds de WBTR zijn governance-bepalingen geen bijzaak. Een bestuurder mag niet meer stemmen dan de overige bestuurders samen (artikel 2:291 lid 2 BW). De statuten moeten ook regelen wat er gebeurt bij belet en ontstentenis van alle bestuurders (artikel 2:291 lid 4 en 5 BW). Bij een tegenstrijdig belang stemt de betrokken bestuurder niet mee; lukt besluiten dan niet, dan moet het bestuur alsnog besluiten met schriftelijke vastlegging van de overwegingen (artikel 2:291 lid 6 BW).

4.7/5

18 geverifieerde beoordelingen · 50 000+ downloads

Concept-statuten stichting volgens artikel 2:286 BW
  • Directe toegang tot het document
  • Download als PDF en Word
  • Conform de wetgeving van 2026
  • Gecontroleerd door juristen
Model invullen
Veilige betaling
Bijgewerkt op 9 augustus 2026

Dit vindt u misschien ook interessant

Ontslag bestuurder vereniging
Vrijwilligersovereenkomst opstellen