Bedrijf oprichten

Geldlening dga en bv: model conform artikel 2:247 BW

Geldleningsovereenkomst dga en eigen bv naar artikel 2:247 BW, artikel 8b Wet Vpb en de Wet excessief lenen. Zakelijke rente, aflossing en zekerheden.
4.5/515 beoordelingen50 000+ downloadsDirect downloaden
Delen

Een geldleningsovereenkomst tussen u als dga en uw eigen bv legt vast onder welke voorwaarden u privé geld opneemt uit de vennootschap: hoofdsom, rente, aflossingsschema en zekerheden. Voor de directeur-grootaandeelhouder die zijn rekening-courant ziet oplopen is dat geen formaliteit, maar het dossier waarmee u bij een boekenonderzoek staat of valt. De Belastingdienst beoordeelt opnames uit de bv langs twee lijnen: zijn de voorwaarden zakelijk, en blijft het totale saldo onder de grens van de Wet excessief lenen bij eigen vennootschap? Dit model geeft u een schriftelijke leningsovereenkomst die op beide punten standhoudt, met de vastlegging die artikel 2:247 BW van een enig aandeelhouder eist.

Conform

Nederlands recht 2026

50.000+ klanten

vertrouwen op ons

Voordelig

Vanaf € 4,90 / document

Veilige betaling

Direct downloaden

Geldlening dga en bv: model conform artikel 2:247 BW

Veilige betaling

Model invullen

Wat is een geldleningsovereenkomst tussen dga en eigen bv?

Civielrechtelijk is dit een overeenkomst van geldlening in de zin van artikel 7:129 BW: de bv verstrekt een geldsom en u verbindt zich hetzelfde bedrag terug te betalen, vermeerderd met rente. Wat de situatie bijzonder maakt is dat u aan beide kanten van de tafel zit. U tekent als bestuurder namens de vennootschap en als schuldenaar in privé. Precies daarom stelt de wet extra eisen aan de vastlegging, en kijkt de fiscus scherper naar de voorwaarden dan bij een lening tussen onafhankelijke partijen.

In de praktijk lopen twee vormen door elkaar. De rekening-courantverhouding is een doorlopende rekening met wisselende saldi, waarop privé-uitgaven, managementvergoedingen en terugbetalingen worden geboekt. De vaste geldlening heeft een afgebakende hoofdsom, een rentepercentage en een aflossingsschema. Beide tellen volledig mee voor de fiscale toetsing, maar alleen de tweede vorm overtuigt een inspecteur dat er werkelijk een lening is en geen verkapte winstuitdeling. Veel dga's zetten een opgelopen rekening-courantsaldo daarom periodiek om in een vaste lening met zekerheden. Verwar dit document niet met een geldleningsovereenkomst tussen particulieren volgens artikel 7:129 BW: daar ontbreekt de aandeelhoudersrelatie die hier alles bepaalt.

1

Wettelijk kader

Het startpunt ligt in Boek 2 BW. Artikel 2:247 BW bepaalt dat rechtshandelingen tussen de vennootschap en de houder van alle aandelen, waarbij de bv door diezelfde aandeelhouder wordt vertegenwoordigd, schriftelijk moeten worden vastgelegd. De uitzondering voor handelingen binnen de gewone bedrijfsuitoefening gaat bij een lening aan de dga vrijwel nooit op. Ontbreekt die vastlegging, dan is de rechtshandeling vernietigbaar ten behoeve van de vennootschap, en in faillissement is het de curator die dat wapen hanteert. Daarnaast spelen het tegenstrijdig belang van artikel 2:239 lid 6 BW en de aansprakelijkheid van artikel 2:9 BW. Ook de opzet van uw oprichtings- en aandeelhoudersdocumenten bepaalt mee wie het besluit tot uitlenen rechtsgeldig neemt.

Fiscaal draait alles om zakelijkheid. Het arm's length beginsel van artikel 8b Wet Vpb 1969 verlangt voorwaarden die een onafhankelijke derde ook zou hebben bedongen: een marktconforme rente, een reëel aflossingsschema en voldoende zekerheden. De Hoge Raad gaf in zijn arrest van 25 november 2011 (BNB 2012/37) de maatstaf: valt geen rente te bepalen waartegen een derde dezelfde lening zou verstrekken, dan loopt de bv een debiteurenrisico dat zij alleen als aandeelhouder aanvaardt. De lening is dan onzakelijk, een afwaarderingsverlies niet aftrekbaar. Bij bewuste bevoordeling kan de inspecteur een verkapt dividend stellen, belast in box 2.

Sinds 2023 geldt daarnaast de Wet excessief lenen bij eigen vennootschap. Op grond van artikel 4.13 lid 1 onderdeel f en artikel 4.14a Wet inkomstenbelasting 2001 wordt het deel van uw schulden boven het drempelbedrag van 500.000 euro belast als fictief regulier voordeel uit aanmerkelijk belang. De peildatum is 31 december en het gaat om alle schulden samen, inclusief die van uw fiscale partner en van verbonden personen in de rechte lijn. Vorderingen op de bv mag u niet salderen. De eigenwoningschuld blijft buiten beschouwing, maar voor eigenwoningschulden aangegaan na 31 december 2022 moet aan de bv een recht van hypotheek zijn verstrekt. De spelregels staan in de toelichting van de Belastingdienst op de beperking van excessief lenen bij de eigen bv.

2

Wanneer hebt u deze overeenkomst nodig?

De klassieke aanleiding is een rekening-courant die stilletjes is opgelopen. Privé-uitgaven via de zakelijke rekening, een auto, een verbouwing: na drie boekjaren staat er een saldo waar de accountant vragen over stelt en waarvoor geen enkel stuk bestaat. Dan legt u de schuld alsnog vast, met een hoofdsom en een aflossingsschema. Een tweede situatie is de financiering van de eigen woning door de bv, populair bij dga's met veel liquiditeit in de vennootschap. Daar is de overeenkomst onmisbaar, omdat de renteaftrek in box 1 en de uitzondering op de excessieflenenregeling beide afhangen van de voorwaarden op papier en van de notariële vestiging van het hypotheekrecht.

Ook een beleggingspand of een vakantiewoning in privé wordt vaak met een lening van de bv gefinancierd. En het komt geregeld voor dat de bv niet aan de dga uitleent maar aan een kind, wat via de regeling voor verbonden personen alsnog bij u terechtkomt. Twee randgevallen verdienen aandacht. Wie een pensioen in eigen beheer of een lijfrenteverplichting in dezelfde bv heeft staan, riskeert dat een ruime opname als afkoop wordt aangemerkt. En de dga die naar België of Duitsland verhuist, krijgt te maken met de verhouding tussen het fictieve voordeel en het belastingverdrag.

3

Belangrijke bepalingen in ons model

  • De hoofdsom en de opnameregeling bepalen of u een bedrag ineens ontvangt of trekkingsrecht krijgt tot een plafond. Het model verplicht de bv te toetsen of zij na de opname aan haar eigen verplichtingen kan blijven voldoen, in de geest van de uitkeringstoets van artikel 2:216 BW.
  • Het rentebeding noemt een vast percentage of een opslag op een referentierente, met de motivering waarom dat zakelijk is gelet op looptijd, zekerheden en aflossingsdruk. Rente die enkel wordt bijgeschreven zonder ooit te worden betaald, is een van de eerste signalen waar een inspecteur op afgaat.
  • Het aflossingsschema bevat de termijnen, de ingangsdatum en de gevolgen van vervroegde aflossing. Een lening zonder enige aflossingsverplichting is moeilijk verdedigbaar, zeker bij bedragen die richting het drempelbedrag lopen.
  • De zekerheden worden concreet benoemd: een recht van hypotheek op de woning, een pandrecht op effecten of op een polis, of een borgstelling. Bij financiering van de eigen woning is de notariële hypotheekakte geen keuze maar een voorwaarde voor de fiscale uitzondering.
  • De opeisbaarheidsgronden regelen wanneer de bv het saldo direct kan opvorderen: betalingsachterstand, verkoop van het onderpand, faillissement of beëindiging van de dienstbetrekking. Zij sluiten aan op het verzuim van rechtswege uit artikel 6:83 BW.
  • De vastlegging en besluitvorming ronden het geheel af, met een aandeelhoudersbesluit en een verklaring dat is voldaan aan het schriftelijkheidsvereiste van artikel 2:247 BW. Dat onderdeel ontbreekt in zelfgemaakte contracten vrijwel altijd.
4

Regionale aandachtspunten

Amsterdam en de Metropoolregio kennen de hoogste concentratie dga's die hun eigen woning bij de bv financieren, omdat de aankoopsommen daar het snelst boven het drempelbedrag uitkomen. Let op de notariële vestiging van het hypotheekrecht en op de aansluiting bij de eigenwoningregeling van artikel 3.119a Wet IB 2001. Loopt een deel van de financiering bij een bank, regel dan expliciet de rangorde tussen bank en vennootschap.

Rotterdam en Rijnmond tellen veel familiebedrijven in logistiek, techniek en scheepvaart, waar de bv naast de dga ook kinderen financiert. Juist daar bijt de regeling voor verbonden personen: schulden van bloed- en aanverwanten in de rechte lijn tellen mee bij de aanmerkelijkbelanghouder. Eén overeenkomst per debiteur, met een eigen aflossingsschema, voorkomt dat het geheel als één ondoorzichtige vordering wordt behandeld.

Brainport Eindhoven en Noord-Brabant brengen de variant waarbij de dga na een exit een forse kaspositie in de holding houdt en daaruit privé investeert. Het zwaartepunt verschuift dan naar de zakelijkheidstoets uit BNB 2012/37, omdat de bv risicodragend meefinanciert in projecten die een bank niet zou financieren. Zekerheden en een realistische looptijd wegen hier zwaarder dan het rentepercentage zelf.

Noord-Nederland ziet leningen vaak in het kader van bedrijfsopvolging binnen agrarische en ambachtelijke familiebedrijven: de bv financiert de overname van aandelen of van grond door de volgende generatie. Die constructies raken de bedrijfsopvolgingsregeling en vragen om een lening die naast de aandelenafspraken past. Vastgoed dat privé wordt aangehouden en aan de bv wordt verhuurd, vraagt bovendien om consistente huur- en vastgoeddocumenten naar Boek 7 BW.

5

Hoe stelt u deze geldleningsovereenkomst op?

U begint met de partijgegevens: de bv met KVK-nummer en statutaire zetel, uzelf in privé, en waar van toepassing uw fiscale partner als medeschuldenaar. Daarna kiest u de vorm, een vaste geldlening of de omzetting van een bestaand rekening-courantsaldo, want die keuze bepaalt welke bepalingen verderop verschijnen. U vult de hoofdsom in, de ingangsdatum, het rentepercentage en de rentebetalingstermijn, en u legt vast of de rente wordt overgemaakt of bijgeschreven. Vervolgens komt het aflossingsschema aan bod, met de keuze tussen lineair, annuïtair of aflossing ineens op einddatum.

Het zekerhedenblok kost de meeste tijd. U geeft aan welk goed als onderpand dient en of een notariële akte nodig is, wat bij hypotheek altijd het geval is. Tot slot voegt u het aandeelhoudersbesluit toe waarin de bv instemt met de lening en de vastlegging conform artikel 2:247 BW wordt bevestigd. Het resultaat is direct beschikbaar in Word en PDF. Wie meerdere stukken in samenhang nodig heeft, vindt in de volledige catalogus met Nederlandse modelcontracten de bijbehorende besluiten en verklaringen.

6

Veelgemaakte fouten

De hardnekkigste fout is het volledig ontbreken van papier. De dga neemt jarenlang op in rekening-courant, de boekhouder verwerkt het netjes in de jaarrekening, en niemand stelt een overeenkomst op. Bij een boekenonderzoek of een faillissement is er dan geen rente, geen aflossingsafspraak en geen zekerheid om naar te verwijzen. Bijna even schadelijk is het contract van één A4 met alleen een hoofdsom en een rentepercentage. Een derde klassieker is de rente die op papier wordt bijgeschreven maar nooit voldaan, waardoor de schuld richting het drempelbedrag groeit terwijl de vennootschap nooit liquiditeit ziet.

Verder wordt de eigenwoninguitzondering vaak verkeerd toegepast: dga's gaan ervan uit dat elke lening voor de woning buiten de telling valt, terwijl voor recente schulden een gevestigd hypotheekrecht vereist is. Ook het salderen van een vordering op de bv met de schuld aan diezelfde bv gebeurt geregeld, en dat mag niet. Tot slot ziet men opnames uit de bv als vervanging van salaris, wat botst met de gebruikelijkloonregeling van artikel 12a Wet LB 1964. Wie loon nodig heeft, keert loon uit en verwerkt dat in de arbeids- en personeelsdocumenten van de vennootschap.

7

Veelgestelde vragen

Is deze geldleningsovereenkomst juridisch bindend?

Ja. Een overeenkomst van geldlening komt tot stand door aanbod en aanvaarding en is vormvrij, maar tussen een bv en haar enig aandeelhouder eist artikel 2:247 BW schriftelijke vastlegging op straffe van vernietigbaarheid. Het model voorziet daarin, inclusief het aandeelhoudersbesluit. Voor de fiscale houdbaarheid is geldigheid alleen niet genoeg: rente, aflossing en zekerheden moeten zakelijk zijn en ook werkelijk worden nageleefd.

Welke rente moet ik aan mijn eigen bv betalen?

De wet noemt geen percentage. Maatstaf is wat een onafhankelijke financier zou hebben bedongen voor een vergelijkbare lening, gelet op looptijd, aflossingsdruk en zekerheden, zoals volgt uit artikel 8b Wet Vpb 1969 en uit BNB 2012/37. Een lening met hypothecaire zekerheid ligt daardoor dicht bij een hypotheekrente, een ongedekte consumptieve opname aanzienlijk hoger. Een rente van nul of een symbolisch percentage leidt vrijwel zeker tot correctie. De ontvangen rente is bij de bv belast met vennootschapsbelasting.

Hoeveel mag ik van mijn bv lenen zonder heffing in box 2?

Het deel van uw schulden boven 500.000 euro wordt belast als fictief regulier voordeel. Het toetsmoment is 31 december, en dat is de enige datum die telt: een saldo dat op 30 december is afgelost, blijft buiten de heffing. Alle schulden aan al uw vennootschappen worden opgeteld, samen met die van uw fiscale partner en van verbonden personen in de rechte lijn. Vorderingen op de bv mag u niet in mindering brengen.

Moet ik zekerheden verstrekken aan mijn bv?

Wettelijk verplicht is het niet, verstandig vrijwel altijd wel. Het ontbreken van zekerheden is precies het punt waarop in BNB 2012/37 wordt getoetst of een derde het debiteurenrisico nog zou aanvaarden. Bij een lening voor de eigen woning is een recht van hypotheek ten gunste van de vennootschap bovendien voorwaarde voor de uitzondering op de excessieflenenregeling.

Kan ik een bestaande rekening-courantschuld omzetten in een geldlening?

Dat kan en gebeurt vaak. U stelt het saldo per een bepaalde datum vast, legt dat bedrag vast als hoofdsom en verbindt er rente, aflossing en zekerheden aan. De omzetting maakt de schuld niet kleiner en verandert niets aan de telling voor de excessieflenenregeling, maar versterkt uw positie in de discussie over zakelijkheid aanzienlijk. Leg vast welke boekingen in het saldo zijn begrepen, en doe dit ruim voor de peildatum.

In welk formaat ontvang ik het document?

U ontvangt de geldleningsovereenkomst in Word en PDF. Het Word-bestand gebruikt u om met uw accountant of notaris aanpassingen te doen, bijvoorbeeld bij een afwijkend aflossingsschema of een aanvullende zekerheid. Het PDF-bestand ondertekent u en bewaart u in de administratie van de vennootschap. Een elektronische handtekening volstaat civielrechtelijk, mits beide partijen die methode aanvaarden.

Wat gebeurt er als ik de aflossingstermijnen niet nakom?

De bv is dan schuldeiser van een opeisbare vordering en moet zich ook zo gedragen. Blijft zij passief, dan ondermijnt dat de zakelijkheid van de lening en kan de inspecteur stellen dat de vennootschap enkel als aandeelhouder handelt. Het model regelt directe opeisbaarheid bij betalingsachterstand, aansluitend op artikel 6:83 BW. Formeel aanmanen is het logische vervolg, waarvoor u een ingebrekestelling bij wanprestatie volgens artikel 6:82 BW gebruikt.

Belangrijkste punten om te onthouden

VASTLEGGING

Zonder schriftelijk stuk is de lening kwetsbaar

Bij een lening tussen u als dga en uw eigen bv zit u aan beide kanten van de tafel. Daarom eist artikel 2:247 BW dat deze rechtshandeling schriftelijk wordt vastgelegd wanneer u als enig aandeelhouder de bv vertegenwoordigt. Ontbreekt die vastlegging, dan is de overeenkomst vernietigbaar ten behoeve van de vennootschap. In faillissement kan een curator dit gebruiken, met directe gevolgen voor uw positie als schuldenaar.

FISCUS

Zakelijke voorwaarden: rente, aflossing, zekerheden

De Belastingdienst toetst of de lening zakelijk is volgens het arm's length-beginsel van artikel 8b Wet Vpb 1969. Dat betekent: een marktconforme rente, een reëel aflossingsschema en zekerheden die een derde ook zou vragen. Is geen rente denkbaar waartegen een derde zou lenen, dan kan sprake zijn van een onzakelijke lening (HR 25 november 2011, BNB 2012/37) met fiscale nadelen en risico op verkapt dividend (box 2).

DREMPEL

Boven 500.000 euro kan box 2 volgen

Sinds 2023 geldt de Wet excessief lenen bij eigen vennootschap. Het deel van uw schulden aan de eigen bv boven het drempelbedrag van 500.000 euro kan worden belast als fictief regulier voordeel uit aanmerkelijk belang op basis van artikel 4.13 lid 1 onderdeel f en artikel 4.14a Wet IB 2001. De peildatum is 31 december en het gaat om het totale schuldniveau, dus ook rekening-courant en vaste leningen tellen mee.

4.5/5

15 geverifieerde beoordelingen · 50 000+ downloads

Geldlening dga en bv: model conform artikel 2:247 BW
  • Directe toegang tot het document
  • Download als PDF en Word
  • Conform de wetgeving van 2026
  • Gecontroleerd door juristen
Model invullen
Veilige betaling
Bijgewerkt op 8 augustus 2026

Dit vindt u misschien ook interessant

Concept-statuten BV opstellen
Aandeelhoudersbesluit BV opstellen